winePearls Glossy
winePearls Glossy

| 13 May 2013
Wijn is eten, schreef ik eerder. Wijn is mogelijk ontstaan uit een snoepje/honing. De Grieken noemden hun ontbijt Akraidzomai wat letterlijk betekent 'het drinken van onversneden wijn'. Dit schets een beetje beeld hoe wijn en voeding bji elkaar horen. Heden ten dagen drinken wij bij eten nog steeds wijn. Echter, met de tijd is wijn geperfectioneerd en de leefomstandigheden zijn veranderd. Men is veel meer aandacht gaan geven aan de productie en processen. Als je goed wilt proeven dan doe je dat bij voorkeur zonder eten. Met voedsel voeg je tenslotte smaakcomponenten toe, die niet in wijn zitten. Dat proeft wat lastig. Als je weinig wijnen drinkt en heel goed wilt proeven schenk je de wijn dus niet bij het diner, maar zul je een avondje teren op een goed glas. Om zo de schoonheid van wijnontwikkeling in het glas te kunnen ontdekken.
Als je lyrisch bent over het kunstige resultaat van een cuve, dan klinkt het wat grof om een dergelijke wijn met eten te mengen.
Alsof je de nachtwacht met een mooie zonnebril op gaat bekijken en zelf verkondigt dat je een kunstprof bent. Dat is enigszins raar en dat zal niemand ontkennen denk ik. Anderzijds zul je de nachtwacht anders zien met een zonnebril op en misschien wel hele nieuwe elementen ontdekken. Zoals eerder omschreven het wijnproduct is ontwikkeld, maar de visie uit de historie leeft voort. Wijn hoort bij eten, wijn is eten. Nu is niet elke wijn een meester kunstwerk en kunnen sommige wijnen met bijvoorbeeld iewat te hoge zuren of juist een bittertje in de afdronk prima samengaan met voedsel. De wijnzuren of bitters vallen dan weg het fruit komt naar boven en ineens is de wijn een heerlijke samengang met voedsel, helemaal in harmonie. Wijnliefhebbers noemen dat 'horecawijnen'.
Vanuit voedsel geredeneerd kan ik zelf geen betere drank bedenken om te nuttigen als wijn. Water neutraliseert. Bij mooie smaakcomponenten uit het voedsel is water een koude douche. Wat zo nu en dan helemaal niet per se afbreekt aan het geheel. Met een slok wijn blijf je in smaak complexiteiten zitten, valt er steeds veel te ontdekken en nodigt het geheel uit tot genieten zonder interrupties die de harmonie van smaken verstoren. Dat is het mooie van wijn bij het diner. Vanuit deze redenatie is wijn bij het ontbijt of de lunch ook heel vanzelfsprekend. Binnen de huidige maatsschappij is dat onwenselijk. Dat behoeft geen verdere uitleg.
Hoe kies je nu de juiste wijn bij een gerecht Dat is een lastige vraag. De makkelijkste regel is de ouderwetse regel, rood bij rood vlees en wit bij vis. Als je daarmee je vlees of vis afblust, daar je saus van maakt vervolgens dezelfde wijn schenkt, dan zit je altijd goed. Niet erg modern, maar wel veilig. Je kunt ook een losse saus maken, daar wijn in gebruiken en die wijn bij je gerecht schenken. Als je nu helemaal niet kunt koken en toch een eerste stap wilt maken, dan kun je ook wat witte wijn door de mayo mixen en door rauwkost mengen. Niet geheel top, maar je matcht dan wel 1 smaakcomponent tussen de wijn en het gerecht. Dat is in extreme basic termen waar het om gaat. Het matchen van smaakcomponenten.
Daarom moet je wel iets van de wijn die je gaat schenken en je recept weten. Dat is de enige mogelijkheid om smaakcomponenten te gaan matchen. Je kunt kijken naar wijnbeschrijvingen die je meestal in een winkel wel bij de fles wijn treft. In een wijnwinkel kan een verkoper je meer vertellen. Daag jezelf uit en vertel niet wat je wilt gaan koken. Vraag alleen naar de smaakcomponenten van de wijn.
Een voorbeeld: pinot noir = aardbeien en een lichte wijn. Wat kun je voor vlees bedenken wat hierbij matcht. Wat zou je lekker kunnen vinden? rosbief? waarom bijv rosbief?. Probeer op deze wijze voor jezelf smaakelementen te matchen en bedenk dan ook dat niets een garantie is. Het blijft een kwestie van zelf heel veel proberen en durven. Laat jezelf gaan. Neem regels niet te star. Koken is een creatieve bezigheid die zich in jouw eigen keuken door jouwzelf tot top creaties laat ontwikkelen. Het gaat om de wet van I.
De wet van I zegt: I, ik is het belangrijkste. Mijn beleven is het enige dat telt voor mijn eigen smaak beleven. Dat is de weg naar jouw eigen perfecte match. Goed onthouden de wet van I.
Voor wie graag wil leren hoe het in regelgeving het beste kan de volgende rode draad:
De smaak en niet de kleur staat centraal (rode wijn kan dus bij wit vlees/vis)
- Strak hoort bij strak (Een strakke wijn heeft frisse zuren en/of mooie tannines)
- Filmend bij filmend (De wijn wordt filmend bij een hoog zoetgehalte en/of door veel extract en vaste stoffen.)
- Fris bij fris (Een frisse wijn heeft frisse zuren en/of is mousserend en heeft geen houtlagering ondergaan.)
- Rijp bij rijp (Rijpe wijn heeft ouderingstonen en/of houtlagering/rijping)
- Smaakcomponenten moeten overeenkomen
- De complexiteit moet overeenkomen.
- Strak gaat voor filmend
- Fris gaat voor rijp
- Laag gaat voor hoog (Lage wijnen zijn de mindere kwaliteiten, hoge wijnen hoge kwaliteiten.)
Wijn en voedsel moeten elkaar vinden in de dominante factoren!
Tot nu toe hebben we het gehad over harmonie. Het vinden van overeenkomsten tussen wijn en het gerecht. Je kunt ook kiezen voor een contrast. Ik houd bijvoorbeeld van een strakdroge champagne bij friet of pizza. Hierbij offer ik de verfijning van champagne op voor het contrast van hoge zuren, citrus en de prikkeling bij de vettigheid of de volheid van genoemde gerechten. Pas de regels gewoon niet te strak toe. Maak wijn en voedsel een trilogie met jezelf. De wet van I.





